Home » 2015 » januari

Maandelijks Archief: januari 2015

Bijbel in de klas

In de afgelopen maanden ben ik in mijn klas bezig geweest met het Babel-project, een lessenserie waarin allerlei kennisgebieden gekoppeld werden en waarin de Bijbel ook een grote plaats had. De lessen die ik heb gegeven en de resultaten van het leerlingen werk zijn allemaal gebundeld in een PREZI. Die zal (voorlopig) beschikbaar blijven op internet. Klik hier om de PREZI te bekijken. Vanwege de omvang van het bestand duurt het even voordat het is ingeladen.

Ter afronding heb ik een korte video gemaakt, waarin ik een pleidooi doe voor het gebruik van de Bijbel in de klas en waarin ik tegelijk ook laat zien hoe dit kan aan de hand van het Babel-project.

Als je werkzaam bent in het onderwijs – en in het bijzonder in het christelijk onderwijs waarin je veel kansen kunt benutten – hoop ik dat dit materiaal je zal aanmoedigen om ook zo bezig te zijn. ‘De leerlingen zijn het waard. Maar in de eerste plaats is ook de Heere God het waard.’

Dit zegt de Bijbel

Vijf zinnen die we in 2015 uit ons christelijk vocabulaire schrappen… Dat is de titel van een blog die aan het begin van 2015 op de website van de EO verscheen.

Gezien het aantal keren dat deze blog op Facebook gedeeld is en wordt, lijkt het erop dat veel mensen (ik neem aan christenen) zich aangesproken voelen door de inhoud. Inderdaad, het is belangrijk om jezelf bewust te zijn van de suggestie die er van goedbedoelde woorden uitgaat die je soms zo makkelijk uitspreekt. En inderdaad, iets ‘bemoedigends’ tegen iemand zeggen is sneller gedaan dan echt mee te leven in moeilijke situaties. EO, Matthijs, bedankt voor deze aanscherping.

Toch heb ik het gevoel dat hiermee niet alles gezegd is, zeker niet als je bedenkt dat deze aanbevelingen bedoeld zijn om ons allen weer een jaar lang verder te helpen bij het aangaan en onderhouden van contacten waarin we anderen echt verder helpen en dichter bij de Heere brengen, in een houding die de Hij van ons vraagt. Voordat er weer een paar zinnen uit het christelijk vocabulaire geschrapt worden, zou ik nog iets ter overweging willen geven, juíst omdát we het hebben over de kwaliteit van de contacten die we als christenen in 2015 zullen aangaan. Vooral de eerste aanbeveling: ‘De Bijbel leert ons dat…’ en de uitleg daarvan zetten me aan het denken. Hieronder zomaar een paar vragen en gedachten die bij me opkomen.

Is het echt zo dat deze uitspraak allereerst suggereert dat je als spreker de ander wilt overtuigen van jóuw gelijk en dat een dergelijke benadering niet getuigt van nederigheid? Of is deze veralgemenisering juist nodig als opstapje voor datgene waarvoor in dit artikel een pleidooi wordt gedaan?

Wat heeft het toenemende pleidooi – want het is geen nieuw aandachtspunt – om niet meer direct te wijzen op dat wat de Bijbel zegt, maar om te spreken over ‘dat wat ik denk dat we uit de Bijbel kunnen leren’ ons allen gebracht? In ieder geval niet dat het gezag van Gods Woord in deze samenleving toeneemt en dat de invloed van de wereld en het autonome denken in onze gezinnen en gemeenten minder is geworden. Het ‘ik denk dat…’ kan zeker getuigen van bescheidenheid en nederigheid, maar sluit anderzijds naadloos aan bij het denken en de geest van deze tijd, waarin Gods Woord niet meer voluit mag klinken. We hoeven en kunnen van elkaar niet beoordelen in welke houding en met welke bewoordingen we dingen al dan niet zeggen, maar durven we – ieder voor zich – eerlijk onder ogen te zien waarom we zeggen wat we zeggen en verzwijgen wat we juist zouden moeten zeggen.

Als het gaat over getuigen, wordt er – zoals ook in dit artikel – heel vaak gefocust op het communicatieve aspect. En inderdaad, de toon maakt de muziek. Niet voor niets lezen we in de Bijbel: ‘Wandel met wijsheid bij hen die buiten zijn… Laat uw woord altijd aangenaam zijn, met zout gemaakt…’ (Kolossenzen 4:5-6). Helaas kan het zo zijn dat we woorden spreken die klinken als een klok, terwijl we met onze houding de ander afstoten. Laten we echter, ondanks alles wat er mis kan gaan aan onze kant, niet nalaten om Gods Woord de ruimte te geven om het werk in mensenharten te doen, wat veel krachtiger is dan mensenwoorden kunnen bewerken.

Als we ontzag hebben voor Gods Woord, gaan we ook de ander wijzen op de waarheid van Gods Woord. Als we ons daarbij laten leiden door Gods Geest, zal dat ook van invloed zijn op de houding waarin we de dingen doen. De Heere kan ons het meeste gebruiken om anderen te helpen als wij Hem en Zijn Woord op de eerste plaats zetten in ons leven. Waar Gods Woord klinkt, kan Gods Geest aan het werk, gelukkig ook ondanks ons. Gedrevenheid in combinatie met een groei in voorzichtigheid is nog altijd beter dan voorzichtigheid zonder bereidheid om Gods Woord bij de mensen te brengen.

Laten we trouwens niet vastlopen in het denken over hoe een ander over ons zou kunnen denken. Anderen denken vaak niet zoals wij denken dat ze denken. Mensen willen eerlijkheid zien, niet alleen woorden maar ook daden. Ze verwachten van ons vertrouwen in en gehoorzaamheid aan Gods Woord. Ze nemen het doorgaans voor lief dat ze niet alles begrijpen wat voor ons wel helder is.

Wat zouden we elkaar een enorme dienst bewijzen als we het getuigenis van Gods Woord ruim baan geven in de dingen die we zeggen. Als er een ding gezond is voor mensen, dan is het dat wel.Wat een levensveranderende impact heeft het Woord van God op levens. Gods Woord wordt werkzaam in het leven van iedereen die Gods Woord als waarheid aanvaardt (1 Thessalonicenzen 2:13). Mooi trouwens hoe in datzelfde hoofdstuk het belang van een goede houding benadrukt wordt. Het vrijmoedig spreken over Gods Woord en een nederige en dienstbare houding sluiten elkaar zeker niet uit.

Hoe groot is tegenwoordig trouwens de kans dat je iemand tegenkomt die jou vertelt wat de Bijbel zegt? Waar is de kennis van Gods Woord? Waar is het vertrouwen op de waarheid van Gods Woord? Waar is de vrijmoedigheid om elkaar nog te durven zeggen wat het Woord zegt? Moeten we juist niet constateren dat we als christenen op dit punt ‘iets goed te maken hebben’. Als je een top 5 zou moeten maken van goede voornemens, dan hoort daar zeker bij dat we terug moeten naar het belijden – van binnen en van buiten – van Gods Woord.

Laten we daarom ook in 2015 niet te bang zijn om vrijmoedig te spreken over Gods Woord. Laten we vooral zelf dicht bij dat Woord leven en er verder op vertrouwen dat de Heere Zijn werk doet in de harten van mensen met wie we te maken krijgen.